26/02/18 Over een opblaasolifant en twee cavia's

Als zelfs Stubru al een fuif wijdt aan het begin van het klassieke voorjaar, dan weet je dat de kunstmatige opklopperij van de koers het zenit heeft bereikt. Ik vraag me immers af hoeveel van die Bal Pedaleurs de Omloop of KBK daadwerkelijk hebben gevolgd, want naar verluidt laat het wielrennen het merendeel van de jeugd Siberisch koud. (En dat ligt niet aan de heersende temperaturen - nog zo’n opgeklopt gespreksthema dezer dagen. Jongens toch, het is koud. En dan?)

Ik misgun mijn jongere medemensen geen feestjes, zó verzuurd ben ik nu ook weer niet. Maar als rechtgeaarde koersliefhebber heb ikzelf op de geijkte ouderwetse manier naar het openingsweekend toegeleefd. Weekje voordien de wielergids kopen, de transfers zo goed en zo kwaad mogelijk inprenten, en geen gazettenpraat lezen. 

Zou dat laatste het grootste verschil met voetbal zijn? Over koers wordt vooral vooraf oeverloos geëmmerd, terwijl de analyses achteraf niet veel verder gaan dan de Waarheid van Meester Wuyts in Sportweekend. 

Ook zondagavond, nadat de opblaasolifant twee muizen (of toch minstens cavia’s) had gebaard, stelde ik vast dat de commentaren nogal mild waren gebleven. Zelfs de totale afwezigheid van Lotto-Soudal in de kopgroep na de Muur zaterdag was amper een bedenking van Michel en José waard. 

Misschien verwachten beide kenners niet al te veel meer van de rode garde, aangezien die de voorbije tien jaar (in het Vlaamse voorjaar) alleen kon zegevieren in Waregem of Nokere - twee van die gepimpte semiklassiekers. De financiële middelen van Sergeant & co zijn niet eindeloos, maar als renners te vroeg demarreren of anderszins tactisch de mist ingaan, dan vraag ik me af wat de rol is van ploegleiding? En of die na al die jaren niet eens ter verantwoording moet worden geroepen. 

In het voetbal lagen ze al lang buiten, dacht ik. Maar misschien is dat net de grootste charme van de koers: niet te veel omzien, voortdoen, zoveel mogelijk bij het oude laten. En niet al te kritisch zijn voor wie in de fout gaat… Want we gaan het feestje toch niet vergallen? 

Awel, ik zal daar de komende weken nog eens proberen in mee te gaan, in die devote benadering van koers. Maar het mag - en niet alleen in ’t Kuipke of in viptenten - wel wat opwindender dan afgelopen weekend. Of er zit over twintig jaar even weinig volk voor de buis als in de kerk.

 

De Koperen Kogel