31/05/16 Je kreeg er tenminste geen tablet-nek van

Noem me nostalgisch.
Noem me ouderwets.
Noem me ‘niet mee’.
Maar vanavond wordt de stekker uit Teletekst getrokken. En als sportliefhebber vind ik dat jammer. 

Niet dat ik op mijn achterste poten sta, want de technologische vooruitgang is niet af te remmen. Wanneer de houdbaarheidsdatum is overschreden, is er voor medelijden geen plaats. Daar herinnert mijn minidisc-speler me elke dag aan. 

Persoonlijk vind ik het medium in kwestie nog best wel even houdbaar. En ik ben lang niet de enige, zo bleek toen het nakende einde enkele maanden geleden werd bekendgemaakt en ik mijn gevoelens daaromtrent al wereldkundig maakte via de sociale media. Nogal wat medeconservatievelingen traden me bij. 

Helaas werd ook hoongelach mijn deel. Progressieve techneuten namen woorden als “hopeloos voorbijgestreefd” in de mond. Ze gingen als een botte dolk door mijn hart. Zeker, de laatste jaren checkte ik de sportactualiteit tijdens de werkdag via de website of, als ik onderweg was, via de app van Sporza. Maar wanneer ik ’s avonds voor mijn tv zit, blijkbaar ook steeds meer een voorbijgestreefd medium, voel ik nog steeds niet de neiging - ook niet anno 2016 - om er een ander scherm bij te nemen. Geef mij dan maar de rustige vastheid van Teletekst. Daar krijg je tenminste geen tablet-nek van.

Jarenlang werden de dagen ten huize De Koperen Kogel dan ook op de volgende geijkte manier afgerond.

Zij: “Ik ga alvast slapen.”
Ik: “Oké, ik kom zo.”
Afstandsbediening, TT-symbooltje, 500. Soms het nummer achter een intrigerende en perfect uitgelijnde titel intikken. Terugkeren naar de 500. Of verschillende nummers in één keer proberen te onthouden, wat niet altijd goed lukt als ook een Westmalle Tripel tot het avondritueel behoort.
Daarna naar de 400.
Naar de badkamer.
En naar bed.

Toegegeven, het einde van Teletekst stemt me ook droef omdat ik er op professioneel vlak vier onvergetelijke en leerrijke jaren heb beleefd. Met gelijkgestemde zielen, altijd ijverig, vaak (en meestal tegelijk) zwanzend. Er werd te midden van al die stress al eens gezaagd en geblaft, niet het minst door mij, maar er werden aan de lopende band mantels der liefde gebreid en over schouders gelegd. Waarna we ijverig verder zwansden.  

Ik heb er tot mijn verbijstering ontdekt dat elke titel in 35 lettertekens te persen is.
Ik heb er geleerd dat ‘niet in het minst’ belachelijk vaak verkeerd wordt gebruikt omdat meestal ‘niet het minst’ wordt bedoeld.
Ik heb er naar zeven voetbalmatchen tegelijk leren kijken.
Ik heb er vernomen dat korfbal zowel binnen als buiten wordt gespeeld.
Ik heb er ondervonden dat de fans van Kim Clijsters en Justine Henin (en de vader van Kirsten Flipkens) elk woord dat over hun idool geschreven werd tot op het bot analyseerden.
Ik heb met een briesende Riis gebeld om een gerucht te checken (“That is bullshit!”), met Kaaaaaaarel Geeeeeeeraearaeaerts toen hij bij de tandarts zat en met Dury terwijl diens haar werd gekapt. Haar heeft tenslotte altijd de functie gehad om gekapt te worden.

En last but not least: ik heb via pagina 490 - doorgaans gereserveerd voor de gehandicaptensport - mijn vrouw ten huwelijk gevraagd. Dertien jaar later wordt het medium dat ons verbond ontbonden. Laten we hopen dat mijn huwelijk langer standhoudt.

De Koperen Kogel