19/02/20 Hoe een Noor de winter kan verjagen

O, die eeuwige winterdipjes.
De vorst blijft dit jaar misschien achterwege (en dan bedoel ik niet de vorst die zowat elke dag het nieuws haalt met zijn zoektocht naar nieuwe regeringsvormers), maar Ciara, Dennis en Ellen blijken uitstekende supersubs. Terwijl mijn enthousiasme in het eerste deel van het seizoen normaal gezien bekoelt, lijkt het dit keer weg te waaien.

Ik weet dat ik elk jaar op dezelfde hamer blijf kloppen, maar sinds de invoering van de play-offs kan het me aan mijn roste reet roesten wie op één, twee en drie staat, want door die halvering van de punten begint de titelstrijd toch pas na de reguliere competitie. En dat heeft zo zijn weerslag op mijn schrijfkriebel. 

Anderzijds, toegegeven, heeft de spanning zich simpelweg verplaatst naar de strijd om plaats zes. Maar net als vóór de degradatie twee jaar geleden heb ik zo’n donkerbruin vermoeden dat Malinwa weer op de ondankbaarste plaats zal eindigen. En het vooruitzicht van een voorjaar in play-off 2 is zo mogelijk nog deprimerender dan dat van nieuwe verkiezingen.

Malinwa brengt me bij Operatie Propere Handen (waarin voorlopig KV Mechelen als enige club werd bestraft, ik stip het maar even aan), en zo bij makelaars, exotische spelers zonder meerwaarde (of met meerwaarde, maar meteen weer weg), exorbitante transferprijzen, en de uiteindelijke conclusie dat het godverdomme een rotte wereld is die alleen maar om centen draait. 

Zelfs de uitreiking van de Gouden Schoen bracht geen soelaas. Aardige speler, die Vanaken - ik roemde ooit zijn ‘schokschouderende gratie’ - maar laat ons wel wezen. Hij heeft de uitstraling van een gesloten kerncentrale.

Ik had jullie gewaarschuwd. Die eeuwige winterdipjes…

Met de hartgrondige vrees dat de voetbalmicrobe me definitief had verlaten (en het gevoel dat hij plaats had gemaakt voor een ordinaire snotvalling) nestelde ik me gisteren eindelijk nog eens in de zetel voor een ouderwetse Champions League-topper. Volgens Hein en Bob zou het een doelpuntenfestival worden, maar de eerste 68 minuten zag ik vooral aardige voetballers die voortdurend verkeerde beslissingen namen. (Jadon Sancho was bij momenten… aaaaaaargh.)

Het voornaamste slachtoffer van die passes die niet kwamen, was ene Erling Haaland. Uiteraard kende ik hem al - zo erg is het ook niet gesteld met mijn tanende interesse - hij moest alleen bevestigen. En zelden smaakte bevestiging zo zoet. 

Een beetje een rotkoppie, dat wel. Maar in zijn eentje bracht hij me voor het eerst sinds lang nog eens in voetbalverrukking. Hoe hij knokte, maar ook kaatste. Hoe slim hij liep zonder bal, en hoe waanzinnig snel hij liep, met én zonder. Hoe hij gesticuleerde - beetje ergerlijk, maar getuigend van goesting! - en hoe hij uiteindelijk een redelijk lelijke goal maakte (denk Inzaghi) én een redelijk fantastische goal (denk Balotelli tegen de Duitsers in 2012). Een beetje Mbappé toen die kwam piepen, quoi. Qua opwinding toch.

Daar ga ik nog veel plezier van hebben.

De Koperen Kogel