03/04/22 Wijd open mond

Karl en José zitten natuurlijk op de eerste rij, maar toch zou ik niet graag wielercommentator zijn dezer dagen. Ten eerste is het moeilijk praten met wijd open mond. Ten tweede zijn er grenzen aan het aantal superlatieven der Nederlandse taal om de bakken klasse van de huidige klasbakken onder woorden te brengen.

Ik zou liever onderzoeksjournalist zijn. Of net niet. Want wie durft zich na een zondagnamiddag vol bewondering nog luidop afvragen hoeveel sneller die huidige klasbakken rijden dan de vorige? Welke die ‘marginal gains’ zijn die voor zulke maximale verschillen kunnen zorgen - althans op de beslissende momenten in de koers? Hoe het komt dat er plots een héle troep merckxiaanse toppers rondrijdt die ‘5 kilometer per uur te rap rijdt’ voor de Frans Verbeecks van deze tijd?

Koers is een religie, ik weet het, en ik zou niets liever doen dan blind geloven. Maar sinds ik op mijn twaalfde mijn misdienaarskleed afwierp, heb ik daar nu eenmaal moeite mee. En vooraleer ik de banbliksems van wielerminnend Vlaanderen over me afroep: mijn vragen zijn echt oprecht niet ingegeven door zuur scepticisme, maar door wielerminnende nieuwsgierigheid. Ik heb enorm genoten vandaag, maar schreeuw bij dezen toch wanhopig om verklaringen voor de halve mirakels waar we de laatste tijd - en zeker ook vandaag weer - getuige van zijn/waren.

Er is het talent, ontegensprekelijk. Er is het temperament, even ontegensprekelijk. En de combinatie van die twee ondermijnt blijkbaar het ploegenspel dat het vuur in de koers al te vaak doofde. Maar talent en temperament zijn niet tijdsgebonden, dus de hamvraag blijft: waarom vallen nu, in dit specifieke tijdsgewricht, onze monden zo wijd open?

Ook de mijne is nog altijd niet helemaal dicht. Wat me gelukkig niet belet om te typen. En om te besluiten met een bescheiden advies aan het adres van die vandaag afwezige buitenaardse klasbak: als je ooit in de voetsporen van Lotte Kopecky wilt treden, zul je misschien toch één keer alles, maar dan ook alles, op de Ronde moeten zetten. (En pak Roubaix dan in één moeite mee.)

De Koperen Kogel